* Uit respect voor de overledene en het bedrijf wordt dit een geanonimiseerd verhaal. De naam Dirk is verzonnen, het verhaal is echt.

Een paar weken geleden werd ik op vrijdagmiddag gebeld met de vraag of ik een begeleidingsgesprek wilde leiden bij een bedrijf waarvan een medewerker die ochtend op het werk was overleden. 

Alleen dat al: er overlijdt een collega en HRM doet er alles aan om de ploeg op te vangen, zelfs op vrijdagavond. Uit zorg en medeleven en uiteraard ook om langdurig uitval te voorkomen. 
Het bedrijf is op anderhalf uur rijden van mijn huis en het gesprek begint om 21.30 uur.

Ik zeg: ‘Ja, ik kom.’ Want ik ben onder de indruk van de zorgvuldigheid en wil graag mijn bijdrage leveren.
 
Na anderhalf uur rijden kan het terrein niet op… 

Pas om 21.30 uur ben ik bij de bewaking, en dan moet ik eerst allerlei veiligheidsinstructies lezen en ondertekenen, krijg een pasje en word opgehaald. Pas na 10 minuten komt mijn begeleider en samen lopen we minimaal ook 10 minuten over een verlaten fabrieksterrein in de regen.
In een kantoorruimte krijg ik een veiligheidskleding en dan gaan we eerst naar de fabriek, naar de plek waar de overledene is gevonden en gereanimeerd is, eerst door collega’s, later door officiële hulpdiensten.  
Pas om 22.45 uur ontmoet ik eindelijk het team. En: de complete ploeg was aanwezig, inclusief de man die die dag ziek was en iemand die vrij had gehad.
Nadat de manager een minuut stilte had gevraagd en mij had geïntroduceerd, heb ik eerst een kaarsje voor Dirk aangestoken. 
Daarna heb ik iedereen gecondoleerd met het verlies van hun collega en ploeggenoot, die voor velen voelde als een familielid.

Vervolgens heb ik verteld wat mijn rol was, dat er niets hoefde, dat alles nog en kon en dat het om hun verhaal en gevoelens gaat. 
Op mijn vraag wie er vanaf het begin bij betrokken waren, begon één van hen te vertellen. Daarna rolden de verhalen er als vanzelf uit. Niet iedereen kon toen al wat vertellen, sommigen hadden het erg zwaar en lieten hun tranen stromen.
Steeds heb ik na een verhaal gevraagd hoe de mensen zich voelden als ze iets vertelden of hoe ze zich toen voelden. Met name degenen die gereanimeerd hadden, hadden het moeilijk met het ‘mislukken’ van de reanimatie. Voor hen was deze reanimatie de eerste keer in het echt, dus dat Dirk toch overleden is, gaf veel vragen, een machteloos gevoel en ook wel vragen als ‘wat, als’ en ‘hebben we het wel goed gedaan?’
Gelukkig kon de manager vertellen dat ze alles helemaal correct gedaan hadden en ook de professionele hulptroepen hadden dat bevestigd. Ik heb dit gaandeweg het gesprek nog een keer benadrukt om alle twijfels weg te nemen en ook om het gevoel van tekortschieten te bespreken.   

Het gesprek liep vanzelf, soms heb ik iets korts over rouw en verdriet verteld, o.a. dat iedereen anders rouwt, dat verdriet aan verdriet raakt en dat verdriet ook angst kan aanwakkeren of boosheid. 
Zoveel mogelijk heb ik iedereen uitgenodigd zijn of haar verhaal te vertellen. Ook de hele stille mensen hebben allemaal minstens 1 of 2 keer iets gezegd. 

Tranen, verhalen, onmacht, verdriet, boosheid, onzekerheid en wat nog meer: alles kwam langs en mocht er zijn. 
Toen heb ik ze gevraagd hoe ze Dirk herinneren en er kwamen mooie en warme verhalen en herinneringen. Er werd ook gelachen om gekke voorvallen en bijzonderheden van Dirk. Dit was een waardevol moment omdat er veel gezamenlijke energie en oprecht plezier was. En de geweldige band die ze met elkaar hebben kwam naar voren. Als familie en zo voelde het ook. 

Op een gegeven moment had ik het gevoel dat iedereen alles had gezegd wat er nu gezegd kon worden en ter afronding heb ik iedereen gevraagd met welk gevoel ze nu naar huis gingen, en ook welke steun er thuis is, welke support.
Gelukkig gaven veel mensen aan dat ze thuis een open oor hebben of bij vrienden. Een enkeling niet.
Daarop heb ik aan iedereen de oproep gedaan om vooral op elkaar te letten, elkaar aan te spreken en het niet gek te vinden als iemand een keer heel kwaad uit zijn dak gaat. Ook dat kan een uiting van rouw of verdriet zijn.

Iedereen sprak veel dank uit voor dit gesprek en dat ze blij waren dat ze gekomen waren. Niemand noemde het late tijdstip als bezwaar. 
Voor een deel van hen begon nu de nachtdienst, maar het bedrijf had zelfs geregeld dat wie nu moest werken en dat nog niet kon, vervangen werd. En tot mijn schrik zag ik dat het toen 01.00 uur ’s nachts was!! 
Dat had ik van tevoren niet zo bedacht en tegelijkertijd geeft het ook helemaal niet want tijd is van ondergeschikt belang bij dit soort ernstige en verdrietige gebeurtenissen.

Moest ik nog wel anderhalf uur rijden. Maar met het gevoel dat ik het mooiste werk van de wereld heb en dat het een eer is om bij te mogen dragen in zo’n verdrietige situatie. 

Terugkijkend maak ik een diepe buiging voor het bedrijf dat zo snel zo goed voor de getroffen ploeg zorgt en een diepe buiging voor de complete ploeg die zo open en oprecht met alle tranen en moeite erbij dit verlies recht in de ogen kijkt.

En dit verhaal speelt zich af in de harde sector. Daar kunnen heel veel andere bedrijven nog vreselijk veel van leren.  

Mieke de Bruin